News Bobsleigh Canada

 
 
Pionier in mannenbolwerk
AMSTERDAM – Nicola Minichiello was in Engeland een topper op de meerkamp, tot zij in 2001 in de bobslee stapte en daar een cultuurshock doormaakte. „Want in de atletiek was het geen item of je zwart of wit was, jong of oud, man of vrouw”, zegt de 34-jarige Britse bondscoach van de BSBN. Als eerste vrouw die is aangesteld aan het hoofd van een olympische wintersportbond, is zij begonnen aan een opvallende missie. „En nu is het tijd om volgende stappen te maken”, zegt ze vastberaden. 

Minichiello, in 2009 de eerste Britse pilote die wereldkampioen werd in de bobslee, schildert haar werkterrein als een zeer behoudend bolwerk, waar haar verschijning nog altijd met de nodige opgetrokken wenkbrauwen wordt verwelkomd. „De bobsleewereld is heel traditioneel, mannelijk gedomineerd. Het gaat ook van generatie op generatie hetzelfde. Vrouwen nemen pas sinds tien, vijftien jaar serieus deel aan de competitie. Nu stappen de eerste vrouwen naar voren als coach, maar vooralsnog ben ik de enige die als hoofdcoach werkt of een programma aanstuurt. Tot nu toe is het een wereldje dat gebaseerd is op historische gronden: niet echt hard werken, met enige drankcultuur, typisch een beetje zoals het bij het snowboarden en BMX begon. Dus: heel cool, hip, relaxed, met een plezierige omgeving. Maar ík heb in mijn loopbaan altijd heel hard gewerkt. Was zo professioneel mogelijk bezig, met heuse profs om me heen. Wat mij betreft, is het: time for change 


Ze ziet haar eigen atleten dan ook graag aan het werk zoals ze zelf haar sport benaderde. Toen ze als pilote het wereldje binnenkwam, waren de commentaren uiteraard niet van de lucht. Langzaam is dat aan het veranderen. „Veel te vaak ging alles op basis van mannelijke trots en dominantie in plaats van wie de beste is voor de positie, op basis van kwaliteiten. Natuurlijk, voor sommigen zal een militaire benadering best goed zijn. Maar in de sport gaat het om het maximaliseren van je prestatie. En dat is niet noodzakelijk hetzelfde als een seksistische, minder professionele attitude.”
Zelf wil ze haar entree in de stoere wereld van het ijskanaal niet louter zien in het licht van man/ vrouw. „Eigenlijk is dat geen issue. Ik coach een atleet. Tot op zekere hoogte vind ik het amusant dat het zo’n item is, dat ik in de sport stap. Voor mezelf is mijn vrouw-zijn eigenlijk irrelevant.”
Maar toch… Zonder haar verschijning zou ook de bobwereld geen spiegel zijn voorgehouden. Minichiello trekt de ophef in een breder verband. Ze werd uitgedaagd, uitgelokt, opgejut en ongetwijfeld ook nog weleens onheus bejegend. „Het is een uitdaging, om het mild te zeggen”, zegt ze. „De mensen van de old school keep their territory, bewaken hun domein . Maar slechts een deel van het verhaal is dat ik vrouw ben. Ik ben óók opgeleid, en heb veel coach-awards gewonnen. Bovendien heb ik mijn sporen in de zakenwereld verdiend en ben in twintig jaar als professioneel sporter actief geweest.”


Ze zegt het niet specifiek, maar dat totaalpakket was dus zoiets als een bedreiging voor de traditioneel gewortelde mannenwereld. Ze heeft geleerd zich niets aan te trekken van commentaren. „Als het niet lukt, is er altijd een reden: dan ben je te jong, te oud, vrouw of wat anders. Als je succes hebt, ligt het altijd aan anderen. In mijn hele leven doe ik de dingen juist als ze zeggen dat ik het niet kan. Dan denk ik: ik kan álles. En waarom zou ik iets niet kunnen? Ik trek me nergens wat van aan, want er komt toch altijd commentaar.” Lachend: „Ik heb mezelf wijsgemaakt dat het zoiets is als vastberadenheid, maar mijn moeder houdt het op koppigheid.”
Het liefst ziet ze nu dat haar mannen en vrouwen in de bob, bij de skeleton en de rodels zich ontwikkelen zoals zij zichzelf ontwikkelde in haar eigen actieve loopbaan. Ze houdt ze, vrijblijvend maar met toch redelijk dwingende ogen, voor dat de keuze aan hen is: It is up to you, but if I were you…
„Ja, dat is mijn favoriete zin”, zegt Minichiello. „Ze zijn aan een lange weg begonnen. Als ze hun volle potentieel willen benutten, moeten ze naar alle aspecten van het leven kijken. Ik leer ze niet alleen hoe ze moeten sturen, dat is misschien maar tien procent van het verhaal.”


Zo zegt Esmé Kamphuis, die na een jaar stilstand een vliegende doorstart maakt, dat Minichiello haar ook in het hoofd heeft getransformeerd tot een professioneel sporter, die op de eigen verantwoordelijkheid is gewezen, zich zeer bewust is waar ze mee bezig is en zich elke dag afvraagt of ze alles doet om te bereiken wat ze wil. „Haar hele leven moet gaan over het prof zijn”, zegt de Britse. „Qua houding, mindset, hoe ze met zichzelf omgaat, op en ook buiten de baan.”
De nieuwe bondscoach baseert het op een half leven lange ervaring, want sinds haar 17e is coachen een soort missie voor haar. Aanvankelijk in de atletiek, later ook op een veel breder gebied en het laatste jaar tevens bij de Britse handbalvrouwen, de FIBT (ontwikkelingscoach bij de Internationale Bobslee Bond) en zelfs voetbalclub Sheffield United. „Maar dat laatste is écht een traditioneel bolwerk. Om daar nieuwe elementen in te brengen is een heus langetermijnproject. Het was fantastisch werk, maar voetbal in Engeland is jaren weg van ingrijpende veranderingen. Intelligente spelers accepteren je visie nog. Dat was misschien de helft, als je het tweede team en de jeugd meerekende. Dat vond ik nog veel.”


Ze onderschrijft de stelling daarentegen ten dele dat het voor coaches makkelijker werken is met mannen dan met vrouwen, omdat die laatste groep tot in de kleinste details door kan kibbelen, zoals vaak wordt beweerd. „Als vrouw ben ik wat dat betreft een stap in het voordeel. Dat is eigenlijk een element wat ik makkelijk vind. Omdat ik zelf alles geprobeerd heb met mijn mannelijke coaches. Ik weet wat werkt en wat niet. En ik weet dus, wanneer er sprake is van manipulatie, omdat het vrouwen betreft.”
Niettemin liep haar huwelijk met Toni Minichiello, tevens haar atletiekcoach, op de klippen. „Wij deelden ons hele leven. Toen ik de atletiek verliet, bleken de fundamenten niet sterk genoeg te zijn. In zekere zin ben ik dus slachtoffer van mijn eigen sport. Maar de fundamenten van mijn coaching vinden hun oorsprong in zíjn coaching. En daar ben ik hem heel dankbaar voor. Spijt of een offer? Nou, iedereen is in het leven op een reis en dan kom je wel eens op een kruispunt dat het uiteenloopt. Wij zijn nog altijd goede vrienden en ik kijk alleen maar heel tevreden terug op onze gezamenlijke ervaringen.”
Minichiello denkt dat ze nu echter voorlopig nog twee tot drie keer zo hard moet werken om de erkenning te krijgen die anderen voor hun werk ten deel valt. Het interesseert haar niets, zeker niet omdat ze met psychologische cursussen en NLP (Neuro Linguďstisch Programmeren, red.) leerde dat zich hier druk over maken alleen maar verspilde energie is.
De NLP omschrijft ze dan ook als de basis voor haar coaching. „Het gaat erom je hersenen onder controle te krijgen: te kijken wat je wilt en wat de juiste keuzes zijn. Mijn coaches stimuleerden mij als atlete heel erg om mijn brein te trainen en managen om zo effectief te zijn in mijn sport. Dat integreer ik nu in mijn hele coachingsysteem. Het gaat erom te focussen op wat je wilt in het leven en welke stappen je moet nemen om te creeren wat je daadwerkelijk nastreeft. Alles, wat daarbij negatief is, is verspilling van energie. Daarom heb ik ook een dikke huid gekregen, elke kritiek glijdt langs me heen.”
Ze moet pilote Kamphuis in Sotchi richting podium helpen en NOC*NSF ziet het zelfs zitten met haar door te gaan tot 2018. Ze vat zelf de rode draad van haar insteek samen. „Cruciaal is: een positieve mindset levert een positief resultaat op. Ik ben niet geďnteresseerd in alles wat toch niet helpt. Dat is wat ik mijn atleten ook meegeef: zet gewoon alle barričres weg, alsof ze niet bestaan. Je krijgt uiteindelijk, waar je je op focust. En als dat negatief is, oogst je dat ten slotte ook.”
 
Bron: de Telegraaf