News Bobsleigh Canada

 
 
De schaduw van de sneeuw: Is Kanis de bob?
In de rubriekDe Schaduw van de Sneeuw blikt Sportprimeur telkens vooruit op de Olympische Winterspelen van Sochi. Deze keer: bobsleester Willy Kanis.

door Damy Baumhöer

Willy Kanis wordt wereldkampioene fietscross in 2006. Ze doet als baanwielrenster mee aan de Olympische Spelen in 2008. Een grote en succesvolle topsportcarrière ligt in het verschiet. Enkele WK-medailles verder komt Kanis echter fysiek en mentaal in een wak. Bij de Zomerspelen van Londen worden geen potten gebroken. Kanis denkt aan het beëindigen van haar topsportcarrière. Maar dan vindt ze een nieuwe uitdaging, in een niet voor de hand liggende wintersport…

Wereldkampioene

Het turbulente sportleven van Willy Kanis, geboren op 24 juli 1984 in Kampen, is een verhaal apart. Op jonge leeftijd hoort het Kanon van Kampen al tot de top van het fietscrossen. Tijdens het jeugd-WK van 2001 wordt ze vijfde, om een jaar later de wereldtitel bij de elite voor zich op te eisen. BMX, zoals de fietscross tegenwoordig wordt aangeduid, is dan nog niet olympisch. Dat wordt het pas als Kanis -na twee gouden WK-medailles- overstapt op het baanwielrennen. Ze heeft die twee sporten dan al jarenlang gecombineerd.

Piste

De overstap naar het baanwielrennen betekent de eerste carrièreswitch voor de dan 23-jarige Kampense. Menigeen verklaart Willy voor gek. Als tweevoudig wereldkampioene BMX wordt Kanis gezien als de grote favoriete voor olympisch goud in Beijing. De sprintbom zelf blijft daar echter nuchter onder.

Maar wat heeft Kanis die overstap naar het baanwielrennen doen zetten? “Ik weet het niet. Ik had het gevoel dat ik met baanwielrennen grote stappen maakte, en bij het fietscrossen niet meer verbeterde”, sprak ze toen.

Succesvol

Willy Kanis gaat bij een gastgezin in Alkmaar wonen, vlakbij de wielerbaan. Nu kan ze vijf keer per week trainen, waar dat eerst nog maar drie keer kon. Kanis rijgt de ene na de andere medaille aaneen. Ze reageert op de vraag hoe het kan dat het dan (februari 2008, red.) ineens zo goed gaat met haar sportieve prestaties op de piste: “Vorig jaar ging het wel aardig, maar deed ik nooit mee voor het eremetaal. Dat was alleen op de teamsprint het geval. En nu doe ik op alle onderdelen mee voor de medailles. Ik heb een hele grote stap gezet. Best bijzonder.”

De vrouwelijke Theo Bos, zoals ze dan al genoemd wordt, eindigt bij de Spelen in Beijing net naast het podium op de sprint. De keirin en teamsprint zijn nog niet aan het olympische programma toegevoegd. Dat zal in Londen wel het geval zijn.

Post-olympisch jaar

In het jaar na de Spelen gaat alles nog crescendo met Willy Kanis. De wereldbekermedailles vallen als rijpe appelen van de boom en ze wint zelfs een zilveren medaille bij het WK in Pruszkow, Polen.
Dan begint de revolutie zich te voltrekken over het baanwielrennen. Er worden zwaardere versnellingen weggetrapt, waardoor het explosieve sprinten nu meer weg heeft van een duursport. Deze overgang blijkt later funest te zijn geweest voor Kanis. Het Kampense racemonster heeft enorm veel moeite met de aanpassing.

Terugval

Het seizoen 2009-2010 verloopt dan ook niet zo succesvol. Theo Bos is intussen overgestapt op het wegwielrennen, en Teun Mulder is dan het boegbeeld van de Nederlandse baansport. Waar Mulder nog altijd excelleert op de keirin en de kilometer tijdrit, heeft Willy Kanis geen echte troeven meer in handen. Ze grijpt naast een medaille op de niet-olympische tijdrit, en komt zowel op de sprint als op de keirin niet in de buurt van een noemenswaardige ereplaats.

Road to London

Ook de aanstelling van een aparte sprintcoach, de Duitser Rene Wolff, leidt niet tot succes. Medailles lijken verder weg dan ooit. Er gloort nog een sprankje hoop op de teamsprint, maar dan zal Kanis samen met Yvonne Hijgenaar boven zichzelf moeten uitstijgen. De mondiale titelstrijden in respectievelijk Apeldoorn en Melbourne, verlopen niet zoals de Overijsselse zich had voorgesteld. Ze komt niet in de buurt van de ereplaatsen, maar mag zich wel op drie onderdelen olympiër noemen.

De Olympische Zomerspelen van Londen verlopen niet zoals Willy had gehoopt. Op de teamsprint komt ze samen met Yvonne Hijgenaar dichtbij, maar een vijfde plaats blijkt het plafond voor de Nederlanders op de sprint. Individueel blijft de 28-jarige Kampense ver verwijderd van eremetaal.

Wintersportster

Willy Kanis komt op een kruispunt in haar sportloopbaan. Ze wil niet nog eens vier jaar ploeteren op de baanfiets. Niet nog eens vier jaar achter de feiten aan lopen. Moet ze stoppen? Ze zoekt haar heil in een wel hele onverwachte en niet voor de hand liggende hoek: ze wordt wintersportster. Bobsleeën. Haar tweede carrièreswitch is een feit.

Toppilote Esmé Kamphuis was er al bij in Vancouver, waar ze samen met remster Tine Veenstra achtste werd. Tegenwoordig is Judith Vis de topatlete waarmee Kamphuis afdaalt. Maar in de strijd om het tweede plekje in de slee wil Kanis zich dus ook gaan mengen. Bij haar eerste bobtraining ooit komt ze twee honderdsten van een seconde te kort om Vis te kloppen. Zij zal de eerste wedstrijden voor haar rekening nemen. De derde wereldbekermanche, op de beruchte ijsbaan van Whistler, betekent het bobdebuut voor Willy Kanis. Ze wordt achter stuurvrouw Esmé Kamphuis meteen knap vierde.

Talent

Voormalig topatleet Patrick van Balkom (onder andere goed voor WK-brons met de estafetteploeg) is uitermate positief over de manier waarop Het Kanon de sport opneemt: “Normaal, als je een wielrenner van z’n fiets afplukt en dit laat doen, gaat het niet helemaal goed. Maar Willy doet het naar behoren.” De bondscoach is ook tevreden: “Ze heeft de fysieke aanleg: snelheid en kracht. En die kan ze ook inzetten. Ze begrijpt daarnaast wat het is om een toptatlete te zijn.”

Ivo de Bruin, zelf bobpiloot, is overtuigd van de mogelijkheden van Kanis: “Ik weet zeker, dat als ze vertrouwd raakt in de sport, ze veruit de nummer één kan worden.”

Beck

Kan Willy Kanis, na twee mislukte pogingen op de Zomerspelen, bij de Winterspelen in Rusland wel een medaille pakken? In het recente verleden heeft Timothy Beck dit al eens geprobeerd. Hij deed als atleet mee aan de Zomerspelen van Athene in 2004, en in 2010 als bobsleeër in Vancouver. Het liep echter niet zoals hij had gehoopt. Beck had de eer om de Nederlandse driekleur het olympisch stadion binnen te dragen, maar zijn piloot Edwin van Calker trok zich terug voor deelname aan de viermansbob.

Sochi 2014

Inmiddels zijn Esmé Kamphuis en Judith Vis het vaste topduo dat dicht naar de medailles sleet. Al drie keer werd Kamphuis vierde, om op het WK zesde te worden.
Voor elke wedstrijd wordt een zogeheten push-off gehouden, afgekeken van het schaatsen. Tot nu toe komt Willy steeds weer een paar honderdsten te kort.

Beslissing

Dat Kamphuis een kanshebster is op een olympische medaille, wordt steeds duidelijker. De vraag is wie er achter haar plaatsneemt in de bob. Kanis of Vis, een wielrenster of een atlete. Komend seizoen worden de knopen doorgehakt. Op 18 en 19 februari 2014 suist de Nederlandse tweemansbob door de ijskanalen van het Sliding Center Sanki in Sochi.
 
Bron: sportprimeur.nl